40 Informatie over indeling en gebruik website

In november 2011 ging ik voor drie maanden naar Palestina en begon ik met deze website. De artikelen, of blogs, over deze drie maanden nummerde ik van: 1 t/m 33. 

 

In 2013 gingen we naar Palestina om te helpen bij het planten van olijfbomen. Over die reis schreven we ook blogs en die plaatsten we eveneens op deze website, nummers: 34 t/m 39b. 

 

Ook de blogs over onze reis van oktober 2015 komen op deze website, te beginnen met nummer 41.

 

oktober 2015

 

W/A 

 



 

 

39b The village of Battir

We spent one night in Battir and we made a day-long hike through the surrounding area. Battir is a Palestinian village, west of Bethlehem with about 5000 inhabitants. The green line, the border between Israel and Palestine, runs right through the farmland of the village. During the war of 1948/Nakba the inhabitants did not leave the village, it was never occupied. The railway line from Jaffa to Jerusalem runs through Battir, 8 kilometres from Jerusalem. After the war a special arrangement was made during the negotiations about the demarcation line, the so called green line. The agreement implied that if the villagers promised not to interfere with the railway, then they were allowed to work on their land on the other side of the green line, in Israel. The villagers kept their side of the agreement, there has not been any incident.

irrigation chanelrailway line Jaffa to JerusalemBattir is located on the slopes of the hills and there are seven natural springs. Most of these springs give water throughout the year. Terraces have been built on the slopes and a network of irrigation canals was constructed, so that each terrace can be supplied with water. Maintenance of the irrigation system and the procedures to distribute the water to the land of all the farmers requires organisation and cooperation.

Because of this unique village organisation and the presence of some villagers with a vision, a school for girls was founded in the fifties.

Already for two thousand years the farmers in Battir used to work on the terraces. Some of the terrace walls date back to the Byzantine time, so long before our era.  An application has been submitted to UNESCO for recognition of Battir as a World Heritage site. A couple of times Israel carried out excavations to find out whether in the past  Battir might have been home to Jews. The last excavation was in 2005, when a big piece of land was closed off for the excavations, without the required results. There were, however, indications of Byzantine remains of buildings. Reason enough for Israel to stop their research.

footpathsettlement in the area of BattirSome time ago Battir was awarded a prize by UNESCO for its special heritage approach. A lot of energy is put in maintaining the terraces and the irrigation network. On the slopes of the hills and across the terraces a network of footpaths is laid out. Our hike followed these footpaths. Hassan, the guide, gives extensive clarification about the irrigation system, the landscape, the history and about plans and possibilities for the preservation of the village and its surroundings.

Threats for the village and surroundings are plenty. Battir is surrounded by Israeli settlements which are continuously expanded. But that is not all. Israel plans to construct the separation wall through Battir, alongside the existing railway track. The argument is security for Israel and for the settlers in the surrounding settlements. But the villagers claim it to be nonsense. For more than sixty years there have not been any incidents with the railway track, so all these years the villagers took care of security. And the only conclusion is that the separation wall serves to confiscate Palestinian land.

terracescut down tree but fully grown againThe villagers object to the route of the wall and with specialist legal support a case was submitted to the Israeli High Court of Justice. Soon the court will decide. If the wall will be constructed as planned, the consequence will be that a large part of the village’s agricultural land will be at the other side of the wall and access will become difficult. A gate in the wall will mean that farmers have to obtain special permits to pass, as is the case with all gates anywhere in the wall. Also irrigation will be affected and the heavy equipment needed for the construction of the wall will damage the terraces. Plans for the construction of the wall are also rejected by the Israeli Nature and Parks Authority. Their argument is that the open character of the area will be negatively affected. The exchange within flora and fauna will be hampered, implying environmental damages. The gazelle cannot cross the wall.

Battir suggested an alternative route for the wall: if security for Israel is the real argument, then the construction should take place, not on Palestinian land, but on Israeli soil.

Our hike was a very good experience; with every step we enjoyed the surroundings, the panorama and the enthusiasm of Hassan. We admired the irrigation channels and listened to the explanation about the distribution of water. Hassan did not tire from answering questions and giving explanations. His enthusiasm about future plans for the village is infectious. An early breakfast and a late lunch were served at his aunt’s place, a relaxed atmosphere with neighbours and relatives passing by to greet or to join at the table.

Contacts in Battir: guide Hassan:  Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.   tel: 0525 897 437; Wisam Owaineh (manager of ecomuseum): Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.  or Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. http://www.battirecomuseum.org/   

Above the village on the slope we came to an olive grove. In the eighties the Israeli army had cut some of the trees. In the course of years these trees started to grow again. Now, thirty years later they are fully grown trees and according to Hassan providing a good annual harvest. An apt symbol for the resilience of Battir and its inhabitants, people who do not give up. In the last weeks we encountered more of such examples of perseverance (sumud): an eighty year old man in Kafar Birem showing us around in his destroyed village; farmers around Bethlehem continuing working their fields and planting olive trees in spite of all the opposition; the Jahalin Bedouins who value education for their children so much that they construct additional classrooms, knowing that army bulldozers may come to demolish; and on the last day before flying home a demonstration in Jaffa, organised by young Palestinians, urging the Israeli government to free all political prisoners and to abandon the system of administrative detention.

 

For us it were inspiring visits, these last weeks.

(

February 2013


 

39 Het dorp Battir

We logeerden een nacht in Battir en maakten een dagtocht door het gebied. Het is een Palestijns dorp, ligt ten westen van Bethlehem en heeft nu ongeveer 5000 inwoners. De groene lijn, de grens tussen Israël en Palestina, gaat dwars door het landbouw gebied van het dorp. Tijdens de oorlog van 1948 hebben de inwoners hun dorp niet verlaten, het dorp werd niet bezet. De spoorlijn van Jaffa naar Jeruzalem loopt door Battir, 8 km van Jeruzalem. Na de oorlog werd een speciale afspraak gemaakt tijdens de onderhandelingen over de bestandslijn, de zogenaamde groene lijn. Die afspraak komt er op neer dat als het dorp er voor zorgt dat de spoorlijn niet gestoord wordt, dan mogen de inwoners hun landbouw gebied dat aan de andere kant van de bestandslijn in Israël ligt gewoon blijven gebruiken. Het dorp heeft tot op vandaag haar kant van de afspraak nagekomen.

irrigatie kanaaltjetrein van Jaffa naar JeruzalemBattir ligt in de heuvels en er zijn zeven waterbronnen. De meeste bronnen geven het hele jaar door water. Op de hellingen zijn terrassen aangelegd en een netwerk van irrigatie kanalen is gebouwd waardoor elk terras van water wordt voorzien. Onderhoud van het irrigatie systeem en de verdeling van water over het land van de verschillende boeren vraagt de nodige organisatie en samenwerking. Die speciale dorpsorganisatie en de aanwezigheid van enkele visionaire dorpelingen zorgde er bijvoorbeeld ook voor dat al in de jaren vijftig een school voor meisjes werd gesticht.Twee duizend jaar al wordt deze terraslandbouw in Battir toegepast. Van sommige terrasmuren is vastgesteld dat die dateren uit de Byzantijnse tijd, dus ver voor onze jaartelling. Bij Unesco ligt een verzoek om het gebied van Battir de status van werelderfgoed toe te kennen. Israël heeft een aantal keren moeite gedaan om via opgravingen en onderzoek uit te vinden of Battir wellicht oorspronkelijk door Joden bewoond is. De laatste keer was in 2005 toen een groot stuk land voor anderhalf jaar afgesloten was om opgravingen te doen. Ook deze keer leverde het niets op, wel aanwijzingen voor Byzantijnse bouwsels. Dat was voor Israël reden om het onderzoek te stoppen.

voetpadnederzetting in de buurt van BattirBattir kreeg al eens een prijs toegekend door Unesco voor haar goede 'erfgoed' aanpak. Er wordt nu veel energie gestoken in het onderhoud van de terrassen en het irrigatie netwerk. En op de hellingen en over de terrassen wordt een netwerk van voetpaden aangelegd. We maakten onze dagtocht over deze voetpaden. Hassan, de gids, geeft dan uitvoerig en enthousiast uitleg over het irrigatie systeem, het landschap, de geschiedenis en over de mogelijkheden en plannen voor behoud van het dorp en de omgeving.

Bedreigingen voor dorp en omgeving zijn er volop. Battir is omgeven door Israëlische nederzettingen, die nog steeds uitgebreid worden. Maar dat is niet alles. Israël is van plan de muur ook door Battir aan te leggen, langs de spoorlijn. Als reden wordt genoemd de veiligheid van Israël en van de bewoners van de nederzettingen. Maar volgens de dorpelingen slaat dit nergens op. Al meer dan zestig jaar waren er geen incidenten met de spoorlijn, dus het dorp zorgt voor de veiligheid. Enige conclusie is dat die muur gewoon nodig is om Palestijns land bij Israël in te lijven!

terrassenafgezaagd en weer gegroeidHet dorp protesteert tegen de route van de scheidingsmuur en met hulp van advocaten is een zaak aanhangig gemaakt bij het Israëlisch Hoog Gerechtshof. Binnenkort wordt een uitspraak verwacht. Als de muur er komt betekent dit dat een groot deel van het landbouw gebied aan de andere kant van de muur ligt en dat toegang moeilijk wordt. Een poort in de muur zal ongetwijfeld gepaard gaan met speciale vergunningen om er door heen te mogen, zoals dat overal met poorten in de scheidingsmuur het geval is. Ook de irrigatie zal gehinderd worden. En de zware machines die bij de bouw nodig zijn zullen de terrassen vernielen. De plannen voor de bouw van de muur worden ook afgewezen door de Israëlische Natuur en Park Autoriteit. Zij argumenteren dat de muur het open karakter van het gebied ernstig aantast en dat de uitwisseling binnen de flora en fauna gehinderd zal worden, wat een aantasting zal zijn van het milieu. De gazelle kan niet over zo'n muur!

Battir heeft een alternatieve route voor de muur voorgesteld: als veiligheid voor Israël echt een punt is bouw de muur dan een flink stuk verderop, niet op Palestijns land, maar op Israëlisch grondgebied!

Onze dagtocht was een geweldige ervaring, we genoten elke stap van de omgeving, van het uitzicht en het enthousiasme van Hassan. Met bewondering bekeken we de irrigatiekanalen en luisterden naar de uitleg over de verdeling van water. Hassan werd niet moe vragen te beantwoorden en uitleg te geven. Zijn enthousiasme over de toekomstplannen van het dorp werkt aanstekelijk. Vroeg ontbijt en een late lunch gebruikten we bij één van zijn tantes, een ongedwongen situatie waar buren en neven even binnen kwamen om te groeten of aan tafel aan te schuiven.

Nuttige contacten in Battir: gids Hassan:  Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.   tel: 0525 897 437; Wisam Owaineh (manager van het ecomuseum): Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. , of: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien. http://www.battirecomuseum.org/ 

 

Boven het dorp, op de helling troffen we een veld met olijfbomen. In de jaren tachtig had het Israëlische leger er bomen omgezaagd. Maar in de loop der jaren zijn ze toch weer uitgegroeid. Nu, dertig jaar later zijn het weer volwassen bomen die volgens Hassan volop vrucht dragen. Een mooi symbool voor de veerkracht en het doorzettingsvermogen van Battir en haar bewoners, die niet opgeven. De afgelopen weken hebben we meer voorbeelden van volharding gezien. Een man van in de tachtig in Kafar Birem die ons in zijn vroegere dorp rondleidde. De boeren in de buurt van Bethlehem die tegen de verdrukking in doorgaan hun land te bewerken. De Jahalin Bedoeïenen die onderwijs voor hun kinderen zo belangrijk vinden dat ze klaslokalen bijbouwen wetend dat ze de kans lopen dat het leger komt met een bulldozer om af te breken. En op de laatste dag voordat we weer naar huis vliegen een demonstratie in Jaffa, door Palestijnse jongeren georganiseerd. Met een dringende oproep aan de Israëlische overheid om politieke gevangenen vrij te laten en een einde te maken aan de administratieve detentie (gevangenschap zonder vorm van proces). Het was een inspirerend bezoek, deze afgelopen weken. Lees de brief van hongerstaker Sader al Issawi

 

februari 2013

 


 

38 Op bezoek bij de Jahalin bedoeïenen

de woordvoerder van de JahalinWe bezochten enkele dorpen buiten het district Bethlehem. We schreven al over het geweldloze verzet van Bil’in. We gingen ook naar twee andere dorpen waarvan de inwoners met deportatie worden bedreigd. Het eerste dorp was Susya in het uiterste zuiden van de Westbank. Hieronder schrijven we over ons bezoek aan het dorp Khan al Ahmar, ten Oosten van Jeruzalem. Hier wonen de Jahalin, een Bedoeïenen gemeenschap.

papegaaitje leef je nogIn het Bedoeïenen dorp werden we ontvangen door een groepje enthousiaste kinderen. En we spraken met Eid Abu Khamis, woordvoerder van het dorpscomité. Hij vertelde ons iets over de geschiedenis en over plannen en problemen. De Jahalin bedoeïenen woonden oorspronkelijk in de Negev woestijn, schapen en geiten waren hun belangrijkste bron van inkomsten. Na de oorlog van 1948 probeerde het Israëlische leger hen te verdrijven. Woonhuizen werden in brand gestoken en vernield, het leger gebruikte geweld en intimideerde de bevolking, vijf personen kwamen daarbij om. Uiteindelijk moesten de Jahalin wel vertrekken. Na omzwervingen kwamen ze terecht in de buurt van Jeruzalem. Lange tijd woonden en leefden ze met hun schapen in het gebied tussen Jeruzalem en Jericho, waarbij Jericho een belangrijke markt had.

het dorp Khan al AhmanJahalin kinderenNadat Israël in 1967 de Westelijke Jordaanoever bezette, veranderde er veel voor de Jahalin. Israël begon in 1975 met de bouw van de nederzetting Ma’ale Adumim, op Palestijns grondgebied. (De meeste Israëliërs zijn zich helemaal niet bewust dat Ma’ale Adumim een illegale nederzetting is, voor hen is het gewoon een deel van Jeruzalem. Inmiddels is het een stad met zo’n dertig duizend inwoners.)

Door de bouw van nederzettingen werd het leef en werkgebied van de Jahalin enorm aangetast. De kudden moesten ingekrompen worden door verlies van grasland en van waterbronnen. De mensen werden meer afhankelijk van inkomsten uit ongeschoolde arbeid. En de druk om te vertrekken bleef. Een paar jaar geleden werd bekend, door berichten in de pers, dat de Israëlische overheid plannen heeft om alle bedoeïenen naar één plaats te deporteren. Te beginnen met de ongeveer 2300 die in de buurt van Jeruzalem wonen, inclusief dus de Jahalin die we bezochten.

Recent werd Palestina met een grote meerderheid van stemmen erkend als niet-lidstaat van de VN. De Israëlische overheid reageerde als door een bij gestoken en maakte direct bekend drie duizend nieuwe woningen te gaan bouwen in de illegale nederzettingen en ook in het gebied E1, waar ook de Jahalin wonen. Een onredelijke en naar het lijkt, een collectieve strafmaatregel voor erkenning door de VN!

Bouwen in dit gebied E1, tussen Ma’ale Adumim en Jeruzalem, betekent niet alleen een schending van de rechten van de huidige inwoners, maar heeft ook tot gevolg dat de Westelijke Jordaanoever in een Noord en Zuid gedeelte wordt gesplitst. Een toekomstige Palestijnse staat is op deze manier niet levensvatbaar. En daarmee raakt een twee staten oplossing steeds verder uit zicht.

autobanden als wapeningEid Abu Khamese gaf ook voorbeelden van de problemen waar ze onder de bezetting mee te maken hebben. Bijvoorbeeld: het Israëlische leger laat in het veld mijnen achter die er uitzien als speelgoed. Zes kinderen zijn door de mijnen getroffen en overleden. Eén van hen, een meisje dat op de schapen moest passen vond zo’n mijn, wilde er mee spelen, de mijn ontplofte en het meisje overleed aan de gevolgen. Om te kunnen begraven is een overlijdensacte nodig, die moet worden aangevraagd bij het militair gezag. De familie kreeg toen ook nog een boete want het meisje had daar helemaal niet mogen komen!

Onderwijs is belangrijk. De Israëlische overheid geeft geen enkele steun voor de bouw van een school. De Palestijnse Autoriteit stelde op papier transport beschikbaar zodat de kinderen naar een school verder op kunnen, maar dat was niet voldoende om alle onderwijs problemen op te lossen. Het dorp ging zelf aan de slag, en met steun van een Italiaanse ontwikkelingsorganisatie werd een school gebouwd. De toegepaste bouwwijze, dikke muren met auto banden als wapening en stevige daken, zorgt er voor dat het ’s winters niet te koud en ’s zomers niet te heet is. Natuurlijk gaven de Israëlische autoriteiten geen bouwvergunning, maar er is nu wel een sloop bevel uitgegeven. De school biedt onvoldoende plaats voor de bijna honderd kinderen. Daarom moet er bijgebouwd worden. Toen wij er waren was de bouw van meer klas lokalen in volle gang.

Als straf voor dit eigen initiatief heeft het leger de reispasjes van de dorpelingen ingetrokken, zodat ze niet meer kunnen reizen en werken in Israël.

Het dorp, de voorzitter en de Italiaanse ontwikkelingsorganisatie nemen risico. Dat is het hun waard, want kinderen moeten naar school kunnen. Onderwijs is een mensenrecht. Dat is helder en mooi geformuleerd in internationale verklaringen en overeenkomsten. De Jahalin maken het waar en brengen het in praktijk.

 

februari 2013


 

37 Verzet in Bil'in

We bezochten Bil’in, een Palestijns dorp op de Westelijke Jordaanoever, ongeveer vier kolometer van de formele grens tussen Israël en Palestina, de zgn. groene lijn. We spraken er met de voorzitter van het dorpscomité, net terug van een spreektoer in Amerika. Hij vertelde er zijn verhaal aan honderden scholen, kerkelijke gemeenten etc. Bil´in is ook het dorp van de documentaire film ´5 Broken Cameras´. Die film was ook in Nederland te zien, heeft prijzen gewonnen en is genomineerd voor een Oscar.

Iyad Burnat, voorzitter van het comitémuur gezien vanaf de kant van Bil'inEr wonen ongeveer 2000 mensen. Al in de jaren 80 van de vorige eeuw bouwde Israël de eerste nederzetting op land van Bil’in. In de loop der jaren zijn nieuwe nederzettingen gebouwd en uitgebreid. In 2004 begon Israël met de bouw van een scheidingsbarrière, in de buurt van Bil’in is dat een hoge betonnen muur. Door die nederzettingen en de muur raakten de boeren veel land kwijt. De muur werd vier kilometer van de formele grens op Palestijns land neergezet, zodat veel Palestijns gebied aan de andere kant van de muur kwam en de boeren geen toegang meer hadden tot hun land. Meer dan de helft van hun land ging verloren en dat riep natuurlijk verzet op.

Boeren gingen zich organiseren. En vanaf 2005 wordt er wekelijks, aanvankelijk dagelijks, tegen de bouw van nederzettingen en van de muur gedemonstreerd. Demonstranten wisten zich gesteund door de uitspraak/advies van het Internationale Hof van Justitie in Den Haag dat de bouw van de muur op Palestijns grondgebied illegaal is en dat die muur afgebroken moet worden. De Israëlische overheid legt die uitspraak naast zich neer, de bouw van de muur gaat gewoon door.

De boeren in Bil’in schakelden juristen in en gingen naar de Israëlische rechter en maakten bezwaar tegen de bouw van de muur. Na lang procederen en standvastig demonstreren kwam er een positieve beslissing van de rechter: de route van de muur moet veranderd worden. Ongeveer 100 ha land moet terug naar de boeren in Bil’in. Maar de juridische strijd gaat verder. Israëls alternatieve route voor de muur werd door de rechter afgekeurd. Pas in 2011, vier jaar na de beslissing van de rechter, werd een deel van de muur afgebroken, maar was een stukje verder al weer opgebouwd. De wekelijkse demonstraties op vrijdag gaan door.

muur met prikkeldraad aan de kant van het dorpsoldaten vuren traangasIn de loop der jaren kregen de demonstranten veel erkenning en steun vanuit de hele wereld inclusief Israël. Jimmy Carter en bisschop Tutu waren er. De vorige voorzitter van het comité organiseerde eens een tentoonstelling van resten van munitie die op de demonstranten was afgevuurd. Het kostte hem 18 maanden gevangenisstraf, onder andere werd hij ervan beschuldigd Israëlische munitie te bezitten! Bil´in organiseerde enkele conferenties over geweldloos verzet.

Het leger heeft het gebied tussen de muur en het dorp op vrijdag voor buitenlanders tot verboden verbied verklaard. Wij waren er op zaterdag, gingen naar de muur en maakten foto’s. Na enkele minuten werden we toegeschreeuwd door een soldaat, vanaf een auto bovenop een heuveltje aan de andere kant van de muur. We verstonden hem niet, de afstand was te groot. Nog meer soldaten klommen op de auto en ze vuurden een paar traangas granaten over de muur in onze richting af. Volgens mij zonder enige geldige aanleiding.

Tijdens de demonstraties gaat het er soms hard aan toe. Er zijn gewonden, demonstranten worden gearresteerd en er is een dode gevallen. De gedode man werd getroffen door een traangasgranaat die van korte afstand recht op hem werd afgevuurd. Zelfs volgens de instructies van het leger is dat niet toegestaan. Ondanks al deze tegenslagen geeft de bevolking van Bil´in het verzet niet op, ze blijven geweldloos.

 

12 februari 2013

 


 

36 Nog meer olijfbomen geplant

De boompjes die wij planten worden gekocht bij lokale Palestijnse kwekerijen. Het zijn twee jaar oude boompjes, gekweekt van zaad. De onderstam is een wilde olijfboom, daarop is een gecultiveerde variëteit geënt. Zo ontstaat een sterke boom, geschikt voor het klimaat en voor de grondsoort hier. Het enten met een gecultiveerde soort zorgt voor een boom met een goede opbrengst.

de muur kronkelt zich door het landschap'outpost' van de nederzettingHoud Hoop Levend is een gezamenlijke campagne van de organisaties YMCA en YWCA van Oost Jeruzalem en Palestina. Het doel van de campagne is tweeledig: 1) mensen betrekken bij de problematiek van Palestina en boeren en 2) helpen bij het planten van olijfbomen en bij het oogsten van olijven. Mensen kunnen betrokken raken bij de problematiek door het sponsoren van een boom. Een sponsorbedrag van € 20 dekt de kosten van één boompje plus transport. De moeilijke omstandigheden hebben te maken met dreigende confiscatie van land door Israëlische kolonisten. Voor meer informatie zie: www.planteenolijfboom.nl/ In 2003 ging de olijfboom campagne van start. Het duurt zes tot zeven jaar voordat een boom vruchten levert. Van de in 2003 geplante bomen is dan ook al geoogst. Vorig jaar werden 8000 bomen geplant, de meeste door de boeren zelf, zo’n 2000 door internationale teams, als waar wij nu aan meedoen.

 

 

 

over dertig of veertig jaar ziet het er zo uitAyid eigenaar van het veld met een 'planter'We gingen twee ochtenden planten in Al Ghaddar (Ein Kassis). De eerste ochtend op de velden van vier families, broers en ooms. De tweede ochtend op drie velden niet ver er vandaan. Al Ghaddar is een Palestijns dorpje midden in het nederzettingen gebied: Gush Etsyon. Op weg er naar toe hadden we goed zicht op de muur die zich door het landschap slingert. De velden liggen op hellingen en zijn omgeven door illegale Israëlische nederzettingen.

Op de eerste dag waren de boeren alvast met het graven van gaten begonnen, vrouwen hielpen mee en zelfs een paar jonge kinderen zorgden voor de aanvoer van paaltjes etc. Op één van de velden was een eerdere, nog jonge olijfboom aanplant vernield door de kolonisten van de nederzetting boven op de heuvel. De kolonisten waren gewapend. De eigenaar van het veld, Ayid, was getuige van de vernieling, maar kon niets tegenhouden. Hij verwacht ook niets van de politie. Zo’n honderd boompjes waren afgesneden en verbrand. Het bovenste deel van de plant was dood. De onderstam, de wilde olijf, groeide nog wel, er zat in ieder geval groen blad aan. Maar het zal nooit een goede vruchtdragende boom worden.

bloeiende amandelboomOp de tweede dag hadden de boeren goed voorwerk gedaan. Rijen waren gemarkeerd en de plekken voor de gaten waren met een paaltje aangegeven. Ook nu werkten de boeren mee. Ik denk dat het uiteindelijke resultaat er ordelijk uitziet. Beide dagen hebben we 400 bomen geplant.

Kolonisten hebben velden in beslag genomen om olijfbomen te planten. Ze markeren hun aanplant met Israëlische vlaggen. Ze doen dit, zo schrijven ze op hun website, om hun God gegeven Bijbelse thuisland veilig te stellen!

Vernielen van olijfbomen door kolonisten is niet het enige probleem waar de Palestijnse boeren mee geconfronteerd worden. Vaak wordt een toegangsweg afgesloten en kunnen Palestijnse boeren niet bij hun land komen of worden boeren door gewapenden kolonisten bedreigd en geïntimideerd. Het Israëlische leger beschermt de kolonisten. Het is allemaal bedoeld om het de Palestijnen zo moeilijk mogelijk te maken. Zodat de boeren vertrekken en hun land niet meer bewerken.  Als velden drie jaar niet zijn bewerkt neemt Israël het land in beslag en wordt het aan nabijgelegen nederzettingen toegevoegd. Ons planten van olijfbomen voorkomt in ieder geval deze manier van confiscatie. Er is dit jaar al behoorlijk op de velden gewerkt. In totaal hebben wij de afgelopen week 1600 bomen geplant.

Terwijl wij aan het planten waren gingen de vrouwen van de boeren aan de slag met het bereiden van de lunch. Het gaat allemaal erg eenvoudig. En we eten onder een boom een bord rijst met kip of linzen en veel groenten.

De amandelbomen bloeien, de velden worden groener, de zon scheen, het waren mooie dagen.

 

Klik op deze link voor een filmpje: http://www.youtube.com/watch?v=CMADYpNgMI4

 

februari 2013

 


 

35 Houd Hoop Levend, plant een olijfboom

Het programma van de olijfboom plant campagne in Bethlehem ging voorspoedig van start. We zijn met bijna veertig personen, uit verschillende landen. Bethlehem ligt op de Westelijke Jordaanoever, in Palestijns gebied dus. Een groot deel van het district ligt in gebied C, wat betekent dat het Israëlische leger daar de baas is.

 

het veld is nog leeg de voorraadNatuurlijk planten we olijfbomen. Maar er is ook tijd in het programma opgenomen voor excursies en presentaties. Dus we toerden op de eerste dag het district Bethlehem en bezochten de geboortekerk en een vluchtelingenkamp. We gingen naar Jeruzalem, bezochten de oude stad en enkele nederzettingen in 

Oost Jeruzalem. (Volgens Internationale rechtsregels zijn het illegale nederzettingen, die er niet thuis horen).

 

 

met elkaar planten

De kaart van het district Bethlehem is ingewikkeld en zonder uitleg erg onoverzichtelijk. Een groot deel van het district, Palestijns land, is in de 

afgelopen veertig jaar door Israëlische kolonisten in bezit genomen. Er zijn 22 nederzettingen met wegen die speciaal voor kolonisten zijn aangelegd. En dan is er de muur, prominent zichtbaar op de kaart die de Verenigde Naties publiceert. Grote delen van de muur zijn inmiddels gebouwd, stevig gefundeerd en acht meter hoog. Die betonnen muur kronkelt zich door het landschap en is bijna overal zichtbaar.

 

400 boompjes geplantnederzetting op de achtergrond

Schapen en olijfbomen zijn vanouds een belangrijke bron van inkomsten voor de Palestijnse boeren. Maar door de bouw van de nederzettingen, de aanleg van de speciale wegen voor de kolonisten en de constructie van de muur zijn boeren veel land kwijtgeraakt en olijfbomen werden ontworteld. Boeren ontvangen geen compensatie, ze zijn gewoon hun bomen en hun land kwijt. En dit gaat door tot vandaag.

Houd Hoop Levend is een gezamenlijke actie van de YMCA en YWCA in Oost Jeruzalem en in Palestina onder de naam JAI. JAI helpt boeren met het 

planten van olijfbomen. 

 

Het gaat altijd om aanplant in een gebied dat bedreigd wordt met confiscatie. Bijvoorbeeld omdat het vlakbij een Israëlische nederzetting ligt of naast een ‘settler-only’ weg. De boeren die worden geholpen tekenen een overeenkomst met JAI waarin zij vastleggen zich in te spannen voor behoud en onderhoud van de bomen. De actie wordt financieel gesponsord door mensen die één of meer bomen kopen, voor zichzelf of als geschenk aan een ander. (Voor details, zie de website: www.planteenolijfboom.nl/ ). Vorig jaar heeft JAI in totaal 8000 bomen geplant of laten planten.

 

We hebben al bomen geplant op een veld omgeven door illegale nederzettingen midden in het nederzettingen blok Gush Etsyon en op een veld aan de oostkant van het district. We gaan er met een bus naar toe, nemen gereedschap, water en stevige schoenen mee. Bij de velden zijn de jonge olijfboompjes al gebracht, variërend van 1 – 1.5 meter lang, de boer en zijn zonen hebben aangegeven waar geplant moet worden. Zo goed mogelijk in een rechte rij, zeven grote passen uitelkaar. Rotsen en grote stenen zorgen nog al eens voor kronkelige lijnen.

 

leger en politie houden ons in de gatenAbu Yousef

We werken in groepjes van twee of drie. Graven een gat, slaan een paaltje naast de aanplant, snoeien zo nodig een paar takjes en doen een omhulsel om plant en paaltje. Dit laatste ter bescherming. Op één ochtend planten we 400 boompjes. De boer is er bij, hij moedigt iedereen aan, houdt toezicht en helpt zo nu een handje. Indrukwekkend was de aanwezigheid van de Abu Youssef, de opa van de familie, 102 jaar oud. Je vraagt ja af wat er door zo iemand heen gaat. Nog maar een klein stuk van het familie land is over en aan alle kanten ziet hij nederzettingen die op zijn land zijn gebouwd. Leden van de familie maken intussen een lunch en we eten met elkaar op het veld.

 

Op de eerste dag was er veel belangstelling van de autoriteiten (o.a. Palestijns ministerie van landbouw) en van de pers, we kwamen uitgebreid in de lokale krant. De andere keer was er volop belangstelling van het Israëlische leger en de politie en van de veiligheidsdienst van de nederzetting. Ze bleven op afstand, controleerden een paar paspoorten, en bleven boven aan de weg tot we vertrokken.

Werken op zo’n veld met aan alle kanten vijandig gezinde kolonisten in hun nederzettingen is wel intimiderend. Leger en politie boven aan de weg versterkt dat. Met zoveel buitenlanders zal er niet zo snel iets gebeuren. De boer wordt vaak lastig gevallen en gehinderd. Eén van hen had de dag voordat wij zouden planten met piketten en lijnen aangegeven waar de boompjes moeten komen. De volgende ochtend was dat allemaal verwijderd. Toch houden de boeren en hun familie vol, ze geven niet op, ze blijven en werken door, het is hun vorm van geweldloos verzet. Indrukwekkend. Mooi om er aan mee te doen.

 

februari 2013


 

 

34 Verdwenen Arabische dorpen in Israël, de Nakba

De Israëlische onafhankelijkheidsoorlog van 1947/48 wordt door de Arabische bevolking ervaren als een catastrofe, de Nakba. Ongeveer 500 Arabische dorpen werden toen verwoest en hun inwoners werden verdreven.

De vertegenwoordigers van de Joodse gemeenschap stemden in met het VN verdelingsplan voor Palestina. Dit was vooral een politiek correcte positie. Veel Joden, en politieke leiders, waren het er niet mee eens dat in hun staat Palestijnen zouden wonen, hun wens was: ‘zo veel mogelijk land met zo weinig mogelijk Palestijnse Arabieren’.

Wij waren een paar dagen in het noorden van Israël en probeerden er meer over te weten te komen.

 

Haifa:  In 1947/48 werden zo’n zestig duizend Palestijnse Arabieren verdreven, inclusief de inwoners van Wadi Salib. Huizen, grond en inventaris werden geconfisqueerd. Naderhand werden delen van de wijk bevolkt door Joodse immigranten uit Marokko. Veel van de oude huizen bleven onbewoond en zijn vervallen.

De gemeente wil dit gebied omvormen tot een’ bruisend centrum’. De vroegere Arabische bewoners komen in de plannen niet voor. Zelfs de herinnering aan de vroegere grote Arabische gemeenschap moet verdwijnen.

Haifa

Saffuriya:  De inwoners van Saffuriya hadden een belangrijke rol vervuld in de Arabische opstand tegen de Britten (1936-1939). De inwoners vormden een bedreiging en dit was voor het Israëlische leger reden om Saffuriya in 1948 te vernietigen en de 5000 inwoners te verdrijven. Het Jewish National Fund plantte er een dennenbos om de overblijfselen van het dorp te verbergen. De inwoners gingen naar de rechter en eisten naar hun land terug te mogen. De hoogste rechter ging niet akkoord. Hij was het eens met het regeringsstandpunt dat het gebied nu verboden militair gebied is. Ondanks deze militaire bestemming konden Joodse immigranten uit Roemenië en Bulgarije er een landbouw coöperatie vestigen.

Saffuriya

Malul:  Malul met 800 inwoners was een overwegend Christelijk dorp. Het gebied is nu overdekt  met een dennenbos, aangelegd door het Jewish National Fund. Op het land van het dorp is een militaire basis. Twee kerken, een moskee, ruïnes van huizen en een begraafplaats zijn nog over. Tot voor kort werden de kerken door de kibboets als koeien stal gebruikt. De oorspronkelijke bewoners leven als interne vluchtelingen, vooral in Nazareth.

kerk Malul voor de verwoesting van het dorp

Lubia:  Voor het Israëlische leger was Lubia van strategisch belang, op een kruispunt in de verbindingsweg van Nazareth naar Tiberias. De bevolking (2500) bestond hoofdzakelijk uit moslims, zij werden in 1948 naar Libanon verdreven. Een begraafplaats is er nog te vinden. Vroegere bewoners vertelden dat er in hun tijd volop fruitbomen groeiden. Maar die zijn allemaal omgekapt en het Jewish National Fund plantte er een dennenbos.

begraafplaats Lubia

Hittin:  De historische moskee is alles wat nog over is van Hittin. Alle 1200 inwoners werden in 1948 naar Libanon verdreven en de bijna 300 huizen werden verwoest. De moskee is in de 12e eeuw gebouwd in opdracht van Saladin, de moslim krijgsheer die de kruisvaarders versloeg. Vanwege deze achtergrond was het dorp, in de ogen van de Israëli’s, verdacht. Want de inwoners weten zich vast geïnspireerd door deze historische overwinning. De plek van de moskee is met een hek afgesloten, niemand hoort er te komen. Toen wij wegreden kwam de politie poolshoogte nemen, kennelijk door bewoners van de nabijgelegen kibboets gewaarschuwd dat er vreemde lui bij de moskee waren.

moskee Hittin

kerk in Birem

 

 

Kafar Birem: Maronitische christenen waren de belangrijkste inwoners van Kafar Birem, vlak bij de grens met Libanon. Eind 1948 gaven de ruim 800 inwoners zich over aan de oprukkende Israëlische troepen. Alle inwoners kregen een Israëlisch identiteitsbewijs. Bewoners werden gevraagd tijdelijk te vertrekken zodat het leger

boogconstructiede regio kon zuiveren. Maar de twee weken werden maanden en de maanden werden jaren.De inwoners gingen naar de rechter en de hoogste rechter oordeelde dat de overheid haar belofte moet inlossen en dat de mensen terug mogen. Het leger was het daar niet mee eens en bombardeerde het dorp en verwoestte veel van de huizen. Tussenkomst van de paus heeft geen gewicht in de schaal gelegd en tot vandaag is het niemand toegestaan terug te gaan. (Een Israëlisch identiteitsbewijs is dus geen enkele garantie).

Op de grond van het dorp is nu een nationaal park en dat betekent dat mensen hun vroegere dorp wel kunnen bezoeken. Het is een grote ruïne, maar de kerk staat er recht overeind. Kerkdiensten worden georganiseerd en de begraafplaats wordt onderhouden en gebruikt.

Ten slotte:  Het Israëlische overheidsbeleid is er altijd op gericht geweest de Arabische dorpen en hun inwoners ‘van de kaart te vegen’. Het is de vraag of dat zal lukken. Steeds meer oorspronkelijke bewoners en ook groepen binnen de Joodse samenleving organiseren zich en geven voorlichting over de Nakba aan het publiek en op scholen.

De reactie van de overheid bleef niet uit. Schoolboeken met het verhaal van de Nakba werden verboden. In 2011 werd de Nakba wet door het parlement aangenomen. Scholen, bibliotheken en instituties die overheidssteun ontvangen en die op wat voor manier dan ook aandacht aan de Nakba geven verliezen hun subsidie!

 

Met dank aan onze gidsen: Rawan, Osama, Toomy en Jonathan.

 

Jeruzalem, februari 2013.


 

 

33 Een rustige zondagmiddag, vanuit Terherne

Vier maanden geleden, begin maart, vertrok ik uit Yanoun. Indrukken en ervaringen daar opgedaan laten me niet los. Ik probeer op de hoogte te blijven van wat er in en rond Yanoun gebeurt. Via internet en met email updates van het kantoor in Jeruzalem lukt dat redelijk. In de afgelopen maanden waren er in Yanoun e.o. de nodige problemen, zoals ik die ook meemaakte en in mijn blog beschreef.

 

Gisteren (8 juli 2012) evenwel werd mijn rustige zondagmiddag verstoord door een alarmerend bericht in de Engelstalige Israëlische krant Ha’aretz. Ik schrok er van. Kolonisten hadden Yanoun aangevallen. Vijf gewonde Palestijnen werden opgenomen in het ziekenhuis. De EAPPI collega’s in Yanoun stuurden vandaag (maandag 9 juli) een verslag, waaruit ik onderstaand relaas samenstelde. De bijgaande foto 'leende' ik van ISM (International Solidarity Movement).

 

Zaterdagmiddag 7 juli om ongeveer drie uur, Joodse sabbat, kwamen kolonisten van de illegale nederzetting Itamar naar drie Palestijnse boeren/ herders in Yanoun die aan het oogsten waren en schapen lieten weiden. De kolonisten waren gewapend met messen en ze doodden drie schapen.

Een schermutseling ontstond, waarbij kolonisten en boeren elkaar met stenen bekogelden.

Toen de EAPPI vrijwilligers aankwamen stonden drie velden in lichterlaaie. Het was onduidelijk of deze vuren bewust door kolonisten waren aangestoken of dat ze het gevolg waren van traangasgranaten die de soldaten naar de boeren gooiden. Hoe dan ook, twee velden met tarwe en een olijfboomgaard stonden in brand. Toen andere Palestijnse boeren kwamen om de branden te blussen, zorgden Israëlische soldaten en politie mensen met nog meer traangas granaten ervoor dat ze niet bij de brandende akkers konden komen.

Soldaten blokkeren de toegang tot YanounZes Palestijnse boeren raakten gewond en vijf moesten in het ziekenhuis worden opgenomen:

  • - Jawdat Bani Jaber: werd verschillende malen geslagen en gestoken door kolonisten, daarna door Israëlische soldaten in gezicht en voet geschoten. Hij werd geboeid door soldaten en opnieuw afgetuigd door kolonisten terwijl de soldaten andere boeren achtervolgden. De soldaten stonden niet toe dat een ambulance hem naar het ziekenhuis vervoerde, pas na ongeveer drie uur mocht hij vervoerd worden.
  • - Ibrahim: werd op zijn hoofd geslagen door een soldaat met de kolf van een M16 geweer, dat verwondde zijn oog. Naderhand toen hij geboeid was werd hij door kolonisten geslagen.
  • Hakimun: werd van dichtbij door een soldaat in zijn arm geschoten.
  • - Adwan: werd door kolonisten met knuppels bewerkt.
  • - Ashraf: werd door een soldaat met een knuppel geslagen.
  • - Jawdat Ibrahim: werd geboeid en geslagen door Israëlische soldaten, toen overgedragen aan de kolonisten die hem verder aftuigden terwijl de soldaten toekeken. De kolonisten bonden hem vast en lieten hem achter op zijn land. Daar werd hij de volgende ochtend gevonden!

Rashid, de burgemeester van Yanoun en al jaren de plaatselijke EAPPI contact persoon, sprak de vrees uit dat de kolonisten de aanval begonnen om nieuwe ‘onzichtbare’ grenzen af te dwingen. Feitelijk betekent dat dan dat veel van Yanoun’s bouwland door de Itamar nederzetting geconfisqueerd wordt.

EAPPI suggereert over de aanval op Yanoun brieven naar Israëlische autoriteiten te sturen, bijvoorbeeld naar de ambassadeur in den Haag. Klik hier voor een voorbeeld brief die is opgeslagen onder DOCUMENTATIE.

 

In het weekend las ik ook een persbericht: ‘Europees parlement veroordeelt in sterke bewoordingen het geweld van Israël tegen Palestijnen’.

De laatste jaren zijn er steeds weer incidenten met Israëliërs uit illegale nederzettingen die Palestijnen aanvallen en hun eigendommen verwoesten. Zelden of nooit neemt de Israëlische overheid maatregelen tegen de daders. De resolutie die het Europees parlement donderdag (5/7/2012) aannam roept de Israëlische overheid op om de plegers van zulke misdaden voor de rechter te brengen.

Israël heeft meer dan 200 illegale nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever gebouwd. De bouw van deze nederzettingen is sterk veroordeeld door de internationale gemeenschap. Ondanks herhaalde oproepen om een einde te maken aan de uitbreidingen, gaat Israël door met de bouw van nieuwe en met de uitbreiding van bestaande nederzettingen. Deze projecten betekenen de illegale in beslagname van Palestijns bouwland en een beperking van de toegang tot water voor Palestijnse boeren. Dit alles heeft ernstige maatschappelijke en economische gevolgen voor de verdreven Palestijnse bevolking en voor de mensen in de omgeving.´ De resolutie stelt ten slotte dat de illegale nederzettingen een belangrijke belemmering vormen voor vrede.

Een resolutie aannemen is één ding, het is volgens mij ook nodig daar consequenties aan te verbinden. Bijvoorbeeld zou de EU het associatie verdrag met Israël voorlopig in de ijskast kunnen zetten.

 

(9 juli 2012)


 

32 Vanuit Terherne

Het is goed om weer thuis te zijn, in Terherne. Vroeger, toen ik bij ICCO werkte en van een reis terugkwam lag er altijd een stapel post die direct aandacht vroeg. Nu ligt er niets dat urgent aangepakt moet worden. Ik moet het zelf in gang zetten.

Ontmoetingen en indrukken van de laatste maanden blijven me bij. Een maand geleden was ik nog in Hebron en vertelde in mijn blog over de controlepost Tarqumia, het was ’s morgens vroeg en het was koud (zie #25). De vraag van één van de mannen die voor zijn werk naar de andere kant moest staat me nog helder voor de geest. Ik beschreef het toen als volgt:

Buiten stonden we de hele tijd wat ongemakkelijk te tellen. Voor iedereen is duidelijk dat we geen werkers zijn die naar Israël moeten. We horen ook niet bij de controlepost, zoveel is gelukkig ook wel duidelijk. Wat doen we dan eigenlijk? Toen ik die vraag probeerde te beantwoorden, precies volgens het EAPPI boekje, sloeg dat niet aan. ‘Wat schiet ik daar mee op’, was de terechte wedervraag.

In die afgelopen drie maanden heb ik me vaak machteloos gevoeld, je staat er bij, onrecht gebeurt, alles in je komt in opstand, maar je kunt niets doen.

We beloofden de mensen die we spraken dat we in ieder geval hun ervaringen zullen doorvertellen. Opdat hun verhaal gehoord zal worden.

Dat wordt dan mijn volgende fase van: ‘Drie maanden op de Westelijke Jordaan oever’. De komende tijd wil ik graag die verhalen doorvertellen. Op bijeenkomsten van verenigingen en groepen, op kerkelijke gemeente avonden, op scholen, op vergaderingen van vakbonden en politieke partijen etc. Gewoon overal waar mensen wat meer willen horen over het leven op de Westelijke Jordaan oever.

Ik ben niet opeens een Midden Oosten deskundige geworden, veel weet ik niet, maar ik heb in die drie maanden wel veel gezien en gehoord en dat wil ik delen, doorvertellen. En ik wil daar over met mensen van gedachten wisselen. Kunnen we dat gevoel van machteloosheid veranderen?

Ik sta klaar om waar dan ook naar toe te komen en m’n verhaal te vertellen. U kunt me bereiken op telefoon: 06-28455266 of email: Dit e-mailadres is beschermd tegen spambots. U heeft JavaScript nodig om het te kunnen zien.  Voorstellen, vragen en suggesties zijn welkom.

(18 maart 2012)


 

 

31 Vanuit Jeruzalem

Tijdens mijn verblijf op de Westelijke Jordaanoever bezochten we met onze hele groep het Holocaust museum in Jeruzalem, Yad Vashem. Het museum toont op een indrukwekkende manier de Jodenvervolging. Van het aan de macht komen van Hitler in de jaren dertig tot aan de verschrikkingen in de verschillende concentratie kampen. Je raakt er diep onder de indruk van de onvoorstelbare wreedheden en verschrikkingen, mensen (door andere mensen) aangedaan. Woorden schieten te kort. 

Verhelderend vond ik de afdeling in zomaar een straat in Jeruzalemhet museum die het manifest worden van antisemitisme en het begin van de joden vervolging in beeld bracht. Onbegrijpelijk, nu, om te zien hoe duizenden fatsoenlijke burgers zich lieten meeslepen en valse voorlichting geloofden. En zich niet meer bekommerden om het lot van medeburgers en daardoor mogelijk maakten wat uiteindelijk gebeurde.

Een citaat van Kurt Tucholsky op één van de panelen, geeft treffend die situatie weer: ‘A country is not just what it does - it is also what it tolerates‘, vrij vertaald: ‘Een land is niet slechts wat het doet - het is ook wat het laat gebeuren’. Kurt Tucholsky was een Duitse schrijver van Joodse afkomst. In 1890 geboren in Berlijn en overleden in 1935.

Ik moest vaak aan dit citaat in Yad Vashem denken. Pas nog toen ik een uitstapje maakte naar West Jeruzalem en daar getuige was van het ogenschijnlijk onbezorgde leven van de Joodse/ Israëlische burgers. Misschien zelfs onbewust van het onrecht en de ellende die uit hun naam Palestijnse burgers wordt aangedaan.

Maar laat ik voorzichtig zijn met het uitgestoken vingertje. Een variant op de uitspraak van Kurt Tucholsky zou kunnen zijn: ‘Een wereldgemeenschap is niet slechts wat het doet - het is ook wat het laat gebeuren’.

Gewoon laat gebeuren wat de militaire bezetter in de Palestijnse gebieden aanricht. En dan zijn we dicht bij huis.

In mijn vorige blog schreef ik dat het er voor ons op zit, we droegen de verantwoordelijkheid over. Graag wilde ik Adrie van dicht bij laten zien waar ik druk ben geweest. Omdat mijn visum verliep ging ik naar Jordanië, Adrie ging mee. Zo’n week in Jordanië is goed om wat afstand te nemen.

Daarna nog een paar dagen op de Westelijke Jordaanoever: Oost Jeruzalem, Bethlehem, bezoek aan een dorp in de Jordaanvallei en natuurlijk even naar Yanoun. Alsof ik thuis kwam.

De ervaringen van het nieuwe team zijn herkenbaar. Kolonisten die in Burin, dorp vlak bij Nablus, olijfbomen vernielden. En in de Jordaanvallei ging het Israëlische leger oefenen, met tanks door de velden van Palestijnse boeren, brede sporen door opkomendeJordaan vallei gewassen. Er lijkt geen eind aan te komen.

Burin

 

  

 

 

(maart 2012, beide foto's 'geleend' van het nieuwe team)

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 
asd